Een tweede laadpaal vraagt meer dan een extra kabel en automaat. We bekijken ook hoe de beveiligingen van de laders samenwerken met de beveiligingen in je elektrische kast. Zo blijft de hele installatie goed beschermd.
Wat is het verschil tussen type A en type B?
Een differentieel vergelijkt de stroom die vertrekt met de stroom die terugkomt. Bij een fout kan een deel via aarde wegvloeien. De differentieel onderbreekt de voeding wanneer die foutstroom de uitschakelvoorwaarden bereikt. Een automaat heeft een andere taak: beschermen tegen overbelasting en kortsluiting.
Type A herkent wisselende en pulserende foutstromen. Een elektrische wagen bevat elektronica die ook een gladde gelijkstroomfout, DC, kan veroorzaken. Te veel van die DC kan een gewone type A minder gevoelig maken, soms ‘verblinden’ genoemd. Hij kan dan bij een andere fout onvoldoende reageren. Type B is ook voor gladde DC-foutstromen ontworpen.
Wat zit er al in een Easee Charge Max of Pro?
De officiële Easee-productbladen bevestigen voor beide modellen twee ingebouwde functies: een type A-differentieelbeveiliging van 30 mA AC volgens EN 60947-2 en een RDC-DD voor 6 mA DC volgens IEC 62955, onderdeel 9.9. Die laatste bewaakt de DC-foutstroom van de eigen lader en laat de voeding onderbreken wanneer de uitschakelvoorwaarden worden bereikt.
Bij één laadpunt is een extra type B dus niet vanzelf nodig voor de DC-beveiliging van dat laadpunt. De voedingskabel, automaat en eventuele bovenliggende differentiëlen moeten wel bij de volledige installatie passen.
- 30 mA AC: de ingebouwde type A-beveiliging voor AC-foutstromen.
- 6 mA DC: afzonderlijke detectie van gladde DC-foutstroom via de RDC-DD.
Twee laders: 5 mA + 4 mA kan samen 9 mA worden.
Stel dat twee laders tegelijk een DC-lek hebben met dezelfde richting. De eerste heeft 5 mA DC-lekstroom, de tweede 4 mA. Elke lader ziet alleen zijn eigen lekstroom. Beide waarden blijven onder 6 mA, dus geen van beide hoeft op basis van de eigen DC-detectie uit te schakelen.
Door de gemeenschappelijke beveiliging vóór de twee laders kan ondertussen wel 5 + 4 = 9 mA DC lopen. Die gezamenlijke stroom kan de werking van een gewone type A beïnvloeden. De ingebouwde 30 mA AC-beveiliging maakt van elke lader geen bewaker van de totale DC-lekstroom van alle laders samen.
| Waar? | DC-lekstroom | Wat ziet de beveiliging? |
|---|---|---|
| Lader 1 | 5 mA | Onder de nominale 6 mA DC-waarde van de eigen detectie. |
| Lader 2 | 4 mA | Ook onder de nominale 6 mA DC-waarde. |
| Samen op kop | 9 mA | Boven 6 mA DC: een gewone type A is hier niet zonder meer geschikt. |
Waarom dan een type B op kop vanaf twee laders?
Met ‘op kop’ bedoelen we vóór de aftakkingen naar de laders. Bij twee of meer Easee-laders achter dezelfde gewone type A voorzien we daar een geschikte type B, tenzij de fabrikant de volledige combinatie aantoonbaar toelaat. Volta beschrijft die voorwaarde voor een gemeenschappelijke type A. Ook twee aparte laadkringen kunnen nog dezelfde hoofddifferentieel delen.
Type B blijft correct werken bij gladde DC-foutstromen binnen zijn specificaties. Hij schakelt daarom niet noodzakelijk bij 9 mA uit: dat hangt af van zijn gevoeligheid en kenmerken. Ook eventuele beveiligingen die nog vóór deze type B staan, moeten geschikt zijn.
Wat betekent dat voor jouw installatie?
Wil je een tweede laadpunt plaatsen, geef dan ook door welke lader er al hangt. Met de schema’s en duidelijke foto’s van de gesloten elektrische kast kunnen we de voorbereiding starten. We bekijken de bestaande beveiligingen, de aansluiting en de gewenste uitbreiding en lichten eventuele aanpassingen toe in je offerte.
Je hoeft zelf geen differentieel uit te kiezen of de kast te openen. Wij stemmen de uitvoering af op je installatie en de toepasselijke voorschriften. Het onafhankelijke keuringsorganisme beoordeelt de conformiteit van de uitgevoerde installatie.
Kort beantwoord
Veelgestelde vragen
Welke differentieelbeveiliging zit al in een Easee Charge Max of Pro?
Beide modellen hebben een geïntegreerde type A-beveiliging van 30 mA AC en een RDC-DD voor 6 mA DC. De beveiliging van de voedingskabel en de rest van de installatie wordt afzonderlijk beoordeeld.
Heb ik voor één Easee-lader altijd een externe type B nodig?
Nee. Bij een Charge Max of Pro is type B niet automatisch nodig voor de DC-beveiliging van het laadpunt: de 6 mA DC-detectie is ingebouwd. We controleren ook de bovenliggende differentieel, andere aangesloten toestellen en de fabrikantvoorschriften.
Waarom voorzien jullie vanaf twee laders een type B op kop?
Achter een gezamenlijke differentieel kunnen DC-lekstromen optellen. Bij 5 mA op de eerste en 4 mA op de tweede lader kan samen 9 mA DC door die beveiliging lopen. Zonder aantoonbaar toegelaten fabrikantcombinatie voorzien we daarvoor een passende type B stroomopwaarts.
Schakelt een type B dan altijd uit bij 9 mA DC?
Nee. Type B is ontworpen om ook bij gladde DC-foutstromen correct te werken. De gekozen gevoeligheid en toestelkenmerken bepalen wanneer hij uitschakelt. Het voorbeeld van 9 mA toont waarom een gewone type A beïnvloed kan worden; het legt geen afschakeldrempel voor type B vast.
Bronnen